De Ring van Janus in Italië is geboren

De Ring van Janus in Italië is geboren

CP
Door Charles-Emmanuel Pean

Gepubliceerd op wo 9 september 2026

Bijgewerkt op wo 9 september 2026

Hoe ontstaan trails en routes die zich in tijd en ruimte verankeren? In de Italiaanse Marken kreeg de Anello di Giano, 180 km lang met 10.000 hoogtemeters, vorm in het hoofd van Francesco Gabrielli voordat hij werkelijkheid werd. Het ontstaan van een ultratrailroute.

In het begin was er beweging. Door de heuvels rond Ancona, de hoofdstad van de Marken, steeds opnieuw te doorkruisen, merkte ik een groep hardlopers op. Eerst zag ik hier en daar individuen in de stad, daarna liep er op een zondag ineens een groep van zo’n vijftien lopers door mijn wijk. Ik moest absoluut weten waar ze vandaan kwamen. Een van de sporen leidde naar een klimhal in de stad, waar ik verschillende bekende gezichten zag rondhangen. In dit bolwerk van boulderaars ontmoette ik Francesco Gabrielli. Na een paar gesprekken begreep ik dat hij al maanden nauwgezet werkte aan een trailroute door de Apennijnen, de duizend kilometer lange bergketen die Italië van noord naar zuid doorkruist. Mijn nieuwsgierigheid naar bijzondere, individuele projecten was meteen gewekt.

Kennismaking met een streek

Francesco is als gespecialiseerd begeleider actief in de dagelijkse leefomgeving en werkt ook als personal trainer. Hij is gepassioneerd door ultratrails. Hij loopt graag officiële wedstrijden, maar verkent ook met plezier de mogelijkheden van het landschap om hem heen. Die enorme passie bracht hem ertoe de wandelroutes in de regio grondig te bestuderen: « Al meer dan een jaar ving ik af en toe flarden op van deze grote ronde: een route die vaak verborgen bleef, verscholen lag en nooit helemaal duidelijk of echt samenhangend op een kaart of in een gids was vastgelegd. Bijna toevallig kwam ik terecht op de website van de Italiaanse Alpenclub (CAI) in Fabriano. Daar ontdekte ik een onderdeel over de wandelroutes in onze regio en daartussen deze mysterieuze ‘Ring van Janus’. Naarmate de route zich verder structureerde, begon alles in mijn hoofd vorm te krijgen. Daar ontstond de ingeving: waarom zou ik proberen hem hardlopend af te leggen? Het oorspronkelijke idee was in elk geval even eenvoudig als fascinerend: enkele van de meest iconische bergen, passen en plekken van de Apennijnen tussen Umbrië en de Marken met elkaar verbinden. Vertrekken vanuit Fabriano en een lus tekenen door gebieden die rijk zijn aan geschiedenis, natuur en identiteit. Janus was, althans zoals ik hem heb ervaren, nooit zomaar een ‘ultra’. Het was eerder een reis door een streek die even mooi als kwetsbaar is en die op sommige plaatsen langzaam lijkt te willen verdwijnen in stilte en begroeiing. »

dat
Het parcours van de Ring van Janus, rond Fabriano

Zo werd de Ring van Janus geboren. Janus? De Romeinse god met twee gezichten, één naar het verleden en één naar de toekomst gericht. Een godheid van begin en einde, van doorgangen en deuren… Een passende inspiratie voor de start van een parcours van 180 kilometer. Hierboven zie je het officieuze parcours, goed voor 10.000 hoogtemeters. Na maanden van zowel logistieke als fysieke voorbereiding staat de start gepland op donderdag 30 april 2026. Om 19.00 uur vertrekt Francesco die dag vanuit Fabriano voor de uitdaging waaraan hij al maanden werkt, samen met een andere ervaren loper uit Ancona, Paolo Gobbi, lid van Sforzancona, waar Francesco eveneens deel van uitmaakt.

© Charles-Emmanuel Pean
Francesco Gabrielli en Paolo Gobbi

Na de ‘schetsen’ volgt de uitdaging

Ervaring komt goed van pas om de nacht, de kou, de wind en de vochtigheid te trotseren die in deze tijd van het jaar nog in de regio heersen. Het team achter Francesco, een man of tien, maakt zich op om hem te ondersteunen. Hij zal als enige loper het volledige parcours afleggen. Volgens Francesco begint de Ring van Janus onder de invloed van de maan: “Een lange, koude nacht wacht ons. Op de meest blootgestelde kammen jaagt een ijzige wind over het voorjaarsgras. Meerdere keren lijkt hij ons met zijn verwoestende kracht te willen breken, alsof hij boven op de afstand die ons wacht nog een extra beproeving vormt. De strenge winter heeft onder de bomen veel slachtoffers gemaakt. Ze liggen levenloos op de grond en vertragen ons ver voorbij het redelijke. Het is een uitputtende mentale proef: gedesoriënteerd in het dichte bos, in een soort donker woud, proberen we er zo snel mogelijk uit te komen om onze weg te vervolgen. Ook hier keert de gedachte terug naar de Goddelijke Komedie: niet zozeer naar de straf, maar naar de storm die ons meesleurt en zonder ophouden treft.

De helse storm, die nimmer rusten zal,
voert de geesten mee in zijn geweld;
hij kolkt hen rond, treft hen en kwelt hen.

DanteDe Goddelijke Komedie (Hel, zang V, verzen 31-33)

Vrijdag rond het middaguur komt Francesco met twee andere lopers aan in Fonte Avellana, na een bijzonder moeilijke eerste nacht vol kou en wind… Een paar minuten om iets te eten, droge kleren aan te trekken en dan gaan ze alweer onverstoorbaar verder over de paden. Francesco heeft uiteraard zijn tussentijden in het hoofd. Ik besluit hen op dit deel van het parcours te vergezellen om de sfeer van binnenuit te proeven, maar wel met mate. Ik wil deze minutieuze organisatie niet tot last zijn. Ik loop 32 kilometer met de groep mee. Tijd genoeg om Francesco’s krachtige, gelijkmatige pas te observeren. Het weer is inmiddels ideaal, na een lastig eerste deel wat dat betreft. Het landschap van de Monte Catria, op de foto hieronder, is adembenemend en geeft nieuwe kracht. We lopen tussen groen en blauw. Een waar paradijs. Straks heeft Francesco al meer dan 100 kilometer afgelegd. Afgezien van een knie die hem af en toe de tanden op elkaar doet klemmen, gaat “alles” goed. Ik observeer hem. Hij lijkt zich op elk gebaar en elke inspanning te concentreren.

© Charles-Emmanuel Pean
De Monte Catria

De beproeving van de tweede nacht

Paolo is er nog altijd en steunt Francesco met zijn kalme, geconcentreerde aanwezigheid. Het enorme voorbereidende werk werpt zijn vruchten af en ondanks het ontbreken van een pad op een deel van het parcours vordert het team over de Ring van Janus sneller dan gepland. Toch blijft het pantser van Francesco, gewend aan lange tochten, menselijk. Nu de tweede nacht zich aandient, wordt zijn mentale weerbaarheid zwaar op de proef gesteld: “Alleen al de gedachte aan een tweede nacht in beweging put me mentaal uit. Onvermijdelijk beginnen zich ook wat fysieke problemen te melden: af en toe doet mijn linkerbeen pijn ter hoogte van de knie. Ik vraag me af of ik dit allemaal wel tot de volgende ochtend kan volhouden. De twijfels en zorgen worden steeds concreter. Vanaf dat moment valt de nacht definitief. Het moet ongeveer 20.30 uur zijn geweest toen ik langzaam aan de slaap begon toe te geven. De herinneringen worden vager, onscherp, bijna vervormd. Ik herinner me dat ik een dicht naaldbos in liep, over een eindeloze klim die volledig door het bos voerde. Ik hoor mijn metgezellen met elkaar praten en voortdurend proberen me wakker te houden, maar hun stemmen bereiken me van ver, gedempt, alsof ze uit een andere wereld komen. Ik verkeer inmiddels in een soort voortdurende halfslaap. Ik blijf bijna automatisch lopen, als een slaapwandelaar. Ik wist dat dit moment vroeg of laat zou komen. Ik herinner me de kou, het berijpte gras en het ochtendlicht dat het landschap een bleekpaarse kleur gaf. Ook daar roept Morpheus me met kracht en moet ik mezelf nog wat korte rustmomenten gunnen door me zo goed en zo kwaad als het gaat op het bevroren gras neer te leggen.

Francesco zal deze nachtelijke roes, die ultralopers zo vaak beschrijven, uiteindelijk achter zich laten. Gelukkig is de dertiger goed getraind en voorbereid. In de vroege ochtend van de tweede nacht neemt zijn lichaam het weer over, klaar voor de laatste kilometers van de Ring van Janus. Zijn metgezellen zijn er nog steeds. Die toewijding verdient lof, zeker in een amateurcontext. Passie en vriendschap. De lopers naderen Fabriano, de lus is bijna rond: “Nadat we het gebied rond de Monte Cipollara zijn gepasseerd, schiet een ree ons pad over en word ik even wakker uit de roes van de nacht. Even later zie ik eindelijk de voertuigen van mijn teamgenoten. Alles lijkt onwerkelijk. Dat ik hier ben geraakt, betekent in zekere zin dat ik de uitdaging al heb volbracht: op de een of andere manier zou ik ook de laatste afdaling hebben getrotseerd en me tot op de bodem van het dal hebben gesleept. We zijn er. Het is gelukt. Nu is het echt voorbij. De laatste grote afdaling, linksaf en dan rechtdoor naar de openbare tuinen van Fabriano. De uitdaging is volbracht. Ik keer binnen de geplande tijd terug naar het vertrekpunt. Ik kom rennend aan. Ik kom glimlachend aan. Ik kom gelukkig aan, omdat ik iets heb volbracht wat enkele maanden eerder nog bijna ondenkbaar leek. Maar bovenal bereik ik het einde van dit avontuur omringd door een groep mensen die in mij geloofden, in het project en in de reële mogelijkheid om het tot een goed einde te brengen. En dan blijft er maar één woord over: dankjewel.”

© Paolo Gobbi

Er is een wedstrijd geboren. Een extra reden om met vrienden een bijzonder moment te beleven rond een gedeelde passie. Hopelijk kunnen in de toekomst meer lopers de Ring van Janus ervaren. Zij kunnen Francesco bedanken voor al het werk en alle energie die hij in dit project heeft gestoken… dat inmiddels geen project meer is. De 31 uur en 46 minuten onderweg spreken voor zich.

Een lang leven voor de Ring van Janus.


De Ring van Janus in cijfers

Meer artikelen